Standaard tekst voor de HEADER BUBBLE!

STANDAARD BUTTON TEKST
Priester, bestuurder, arts en geleerde.
Anselmus Boetius de Boodt
Het Anselmus (Boetius) de Boodt hotel te Brugge. Anselmus heeft hier geruime tijd gewoond.

De 16e eeuwse humanist, priester, bestuurder, arts en geleerde Anselmus (Boëtius) de Boodt (Op het schilderij staat hij linksonder naast zijn broer Guillaume) werd rond 1550 in Brugge geboren en stierf op 21 juni 1632 in zijn geboortestad.

De in een rijke en aristocratische katholieke familie geboren Anselmus (Boëtius) studeerde rechten in Leuven en medicijnen bij Thomas Erestus in Heidelberg en promoveerde in Padua tot Doctor in de Geneeskunde. Tussen 1580 en 1583 was Boëtius Raadspensionaris van Brugge. In 1583 werd hij lijfarts van Wilhelm Rosenberg, Burrgraaf en gouverneur van Praag en in deze stad werd hij in 1584 lijfarts van de aldaar residerende Keizer Rudolf II. De keizer bezorgde Boëtius een “sinecure” in Brugge. Boëtius werd een goed betaalde kanunnik van de Sint Donatuskerk in Brugge, een stad die hij pas in 1612 weer terugzag. In dat jaar werd Boëtius wederom Raadspensionaris van Brugge, een positie die hij tot zijn dood behield. Aan het prachtlievende en zeer in wetenschap geïnteresseerde hof van Praag hield Boëtius zich bezig met alchemie en mineralogie.


Anselmus Boetius de Boodt

“Transfiguratie van Christus” door Gerard David (1520), zijluiken door Pieter Pourbus (1573) met de portretten van Anselmus de Boodt, Johanna Voet en hun kinderen.

Anselmus Boetius de Boodt

Op de binnenkant van het linkerpaneel zijn geschilderd Anselmus met zijn zeven zonen. Op de binnenkant van het rechterpaneel zijn vrouw en zijn drie dochters.

Opmerkelijk is wel dat dit werk 12 jaar na de dood van Johanna Voet (1561) tot stand is gekomen (1573). Ook 3 zonen en 1 dochter waren voor het beeindigen van het schilderij gestorven. Dit werd door de schilder aangegeven door een rode kruis op hun voorhoofd te schilderen.


Zie ook de pagina over het familiewapen uit Brugge, België in de afdeling heraldiek op deze website.
Bron: de heer R.S. Lem